Uit één ooit gekregen polletje daslook is een prachtig veldje ontstaan dat ieder jaar meer ruimte opeist. Toch kun je het zomaar missen als je niet weet dat het daar groeit. Daslook is familie van ui en knoflook. Net als andere ui-achtigen heeft het een bolletje onder de grond. Bovengronds groeien niet de prei-/bieslookachtige stengels, maar plattere, rondere bladeren. De witte bloemetjes geven bijna licht en groeien minder in een kluitje dan de meeste andere alliums. De smaak is onmiskenbaar. Een klein hapje van het blad laat de hele dag een flinke knoflooksmaak in je mond achter.

De reden dat de daslook aan je aandacht kan ontsnappen is dat het graag in de schaduw groeit en maar een paar maanden per jaar boven de grond actief is. Relatief vroeg in het voorjaar komen de groene blaadjes tevoorschijn. Op het moment dat overal in de tuin van alles uit de grond knalt, groeit de daslook heel rustig en onopvallend. Kleine sprietjes komen langzaam boven en groeien uit tot groene bosjes waaruit stengeltjes met prachtige onopvallende bloemetjes komen. Even onopvallend als het plantje gekomen is, blaast het in juni weer de aftocht. De rest van het jaar wacht het onder de grond tot het volgende voorjaar. Het laat de rest van het tuinseizoen aan zich voorbijgaan.

Met bewondering kijk ik ieder jaar hoe de plant de levenswil heeft gevonden om weer tevoorschijn te komen. Levenswil is het verlangen om het leven op jouw unieke manier te leven.

Het is de motor waarmee je veranderingen en ontwikkelingen in gang kunt zetten. Er zit enorm veel kracht in een wilsbesluit. Toch is levenswil iets anders dan levenskracht. Kracht zit in je spieren. Daar voel je of je de kracht kunt vinden om een uitdaging aan te gaan. Wil komt vanuit je hart. De kracht daarvan zit in het subtiele, het vonkje. Levenswil komt eerst, daar zet je iets mee in gang. Levenskracht zorgt ervoor dat je het kunt volbrengen.

In de praktijk gooi ik die twee begrippen nog wel eens door elkaar. Dan wil ik vanuit kracht een ontwikkeling forceren. De actie begint dan vanuit angst of een andere contraproductieve emotie. Het vonkje ontbreekt en na het verspillen van een flinke voorraad energie ben ik nog niet veel verder gekomen. Tijd om mezelf de vraag te stellen: ‘Waar verlang ik naar?’. Die vraag brengt je altijd terug bij jouw levenswil en je gezonde deel.